Edimax Mailserver Manual | ||||||||||
|
|
|
||||||||
De Edimax Mailserver heeft weinig configuratie: het meeste kan hij al afleiden uit de aan- of afwezigheid van bepaalde files.
Als mail voor een mailbox moet worden doorgestuurd naar een andere server, moet de mailbox naam niet als directory worden gemaakt, maar als gewone tekst-file, met daarin het IP-adres van de remote server.
Als mail voor een mailbox moet worden gestuurd naar een shell-command, moet de mailbox naam niet als directory worden gemaakt, maar als executable command-file, met daarin de shell-commands die het bericht op stdin moet verwerken. De exit-code van het script moet 0 zijn bij succesvolle verwerking, anders ongelijk aan 0.
Als mail voor een heel domein moet worden doorgestuurd naar een andere server,
moet binnen de domein-directory een file '@' worden gemaakt,
met daarin het IP-adres van de remote server.
Dit kan samen gaan met mailboxen binnen hetzelfde domein.
Als mail voor een heel domein moet worden gestuurd naar een shell-command, moet het domein niet als directory worden gemaakt, maar als executable command-file, met daarin de shell-commands die het bericht op stdin moet verwerken. De exit-code van het script moet 0 zijn bij succesvolle verwerking, anders ongelijk aan 0.
Alle niet-afleverbare mail wordt gequeued voor verzending naar
'buiten'(i.h.a. Internet) via een relay-server.
Deze relay-server moet zijn gedefinieerd in de TAB-separated file
/etc/edimaxr.config/iets
Alleen locale computers mogen hiervan gebruik maken.
Locale computers zijn computers binnen een locaal netwerk.
Een locaal netwerk kan worden gedefinieerd door
een regel (per netwerk) toe te voegen in de file
/etc/edimax.config/smtp.local-servers.
Elke regel moet bevatten: